akin

description


double concerto for twinned strings
akin, the new double concerto by Michel van der Aa for violinst Patricia Kopatchinskaja and cellist Sol Gabetta, receives first performances in Cologne and Amsterdam in May.

Violinist Patricia Kopatchinskaja and cellist Sol Gabetta are soloists in Michel van der Aa’s new double concerto, akin, premiered at the EIGHT BRIDGES festival in Cologne by the Royal Concertgebouw Orchestra on 9 May.

The 25-minute work was commissioned by ACHT BRÜCKEN/Musik für Koln and the Royal Concertgebouw Orchestra with funds from the Ernst von Siemens Music Foundation, and Fonds Podiumkunsten. After the premiere at the Philharmonie in Cologne, the concerto travels on with soloists, orchestra and conductor Peter Eötvös for its Dutch premiere at the Concertgebouw in Amsterdam on 10 May. North American performances follow with the Vancouver Symphony on 7 June and the National Arts Centre Orchestra in Ottawa in March 2020.



Michel van der Aa has worked with both soloists on earlier projects – Patricia Kopatchinskaja on the violin work ‘Double’ and Sol Gabetta on his Grawemeyer Award-winning cello concerto with film ‘Up-close’. As the composer notes: “Akin was inspired by the friendship between these two very special string players, reflected in the score through their sharing of the same musical material and communication with a similar voice. When I was deciding on a title I was drawn to an image of identical twins, inseparable and thinking in a related manner to all outward appearances but perhaps with different personalities beneath.



“There is also an affinity between the solo and tutti material, as if the orchestra is an alter-ego of the soloists, operating in the same perspective. The relationship is not contrapuntal or a conflict of opposites as in some concertos but much more an active and engaged discussion between good friends. The percussion section has a prominent role, often soloistic. There are highly rhythmic sections with drum kit and the percussion triggers the release of energy, with pulse patterns creating timepieces – it as if the internal wheels in a clockwork mechanism are turning at different speeds. This provides the blueprint for the music of the string soloists.

“Like my clarinet concerto ‘Hysteresis’, the new work is in two parts. The first movement develops from an intimate opening, bottling up energy like an incubator, while the second movement is much more energetic and vituosic as if the valve on a pressure cooker has been released. I’ve decided, as with my Violin Concerto to write a purely acoustic piece without electronics, allowing the soloists to speak. Apart from a few fully scored sections and some dramatic outbursts the orchestration is very transparent to give enough space for the string lines to materialise.”
— David Allenby / Quarternotes

press quotes

mysterieus mooi en heerlijk stuiterend

“Voor ‘akin’, een concert voor viool en cello, koos Van der Aa uitvoerenden van wereldklasse: violiste Patricia Kopatsjinskaja en celliste Sol Gabetta.Net als bij het Vioolconcert was het Koninklijk Concertgebouworkest mede-opdrachtgever van akin, Engels voor ‘verwant’.

De wereldpremière ervan speelde het orkest donderdag al in de Kölner Philharmonie, de andere opdrachtgever, waarop vrijdag de Nederlandse première volgde in een enthousiast Concertgebouw.

Waar Van der Aa in zijn technisch vernuftige theatrale composities vol digitale elektronica steeds weer een stapje verdergaat, blijft hij in zijn stukken waarvoor geen stekkers, stopcontacten en snoeren nodig zijn eigenlijk heel klassiek. Dan schrijft hij herkenbare noten, herkenbaar omdat ze van hem zijn en dus een handschrift verraden.

En zoals hij Janine Jansen met die stuiterende noten behoorlijk tergde en uitdaagde, vraagt hij in ‘akin’ ook nog al wat van Kopatsjinskaja en Gabetta. Die gaven vrijdag geen krimp en streken er virtuoos en venijnig op los, elkaar in de abrupte slotnoot uitdagend aankijkend – zo van: ‘Had je wat?’

In het concert, dat mysterieus-mooi met een opvallende verwantschap tussen harp en contrabassen begon, waren Kopatsjinskaja en Gabetta regelmatig eerder primus inter pares dan echte solisten. Meer aanvoerders van respectievelijk de violen en de celli, beiden opgaand in het totaalgeluid. In de razende passages excelleerden violiste en celliste met totale overgave en geloof in Van der Aa’s noten.

De geweldig laaiende onrust die Van der Aa ook in dit concert wist te realiseren herinnerde aan de hectische scènes uit zijn opera ‘Sunken Garden’. En als de boel even tot rust kwam, glansden daar weer die machtig mooie en o zo herkenbare Van der Aa-klankvelden
(****)
— Trouw, Peter van der Lint, 13-05-2019

Riesenjubel

“Riesenjubel entfachte anschließend die Uraufführung von Michel van der Aas zweisätzigem Doppelkonzert „akin“ für Violine und Cello. Wer an Brahms denkt, liegt nicht ganz falsch, denn auch hier geht es nicht um einen Wettstreit zweier Solisten um die „Lufthoheit“ über dem Orchester, sondern um das Porträt zweier Instrumente im Einklang, um ein konzertantes Ineinandergreifen, ein klangliches Sich-Ergänzen und ein gegenseitiges rhythmisches Sich-Aufschaukeln.

Van der Aa hatte dabei explizit Patricia Kopatchinskaja und Sol Gabetta mit ihrer einvernehmlichen, extrovertierten Musizierenergie im Sinn und bedient diese aufs Trefflichste. Aus einer klar konturierten Harfeneröffnung entwickeln die Solistinnen gemeinsame, aus fasslichen, tonal grundierten Motiven bestehende Gesten, deren Ausdruck schnell von den beiden Streichinstrumenten auf das ganze, nur mittelgroß besetzte Orchester übergreift und dort effektsicher in die Breite projiziert wird.

Oft wird Kopatchinskaja dabei zur Primaria der hohen Streicher, Gabetta führt das tiefere Register an. Eine erste Beschleunigungs- und Steigerungswelle beruhigt sich am Ende des ersten Satzes wieder, im zweiten wird die rhythmische Zuspitzung, die im Verbund mit den beiden Orchesterschlagwerkern fast groovende Züge annimmt, dann aber konstitutiv. Der mitreißende, freilich auch etwas eindimensionale Sog trägt den Satz dann bis zur abrupten Finalpointe, zu der die beiden Solistinnen im Blick aufeinander einfrieren. Das Stück hat das Zeug dazu, sich mit entsprechend explosiven SolistInnen im Repertoire festzusetzen.”
NMZ, Juan Martin Koch, 10-05-2019

Hoogwaardige, vintage Van der Aa in het Concertgebouw

“Ter afsluiting van zijn huiscomponistschap bij het Concertgebouworkest schreef Michel van der Aa het dubbelconcert ‘akin’. Violist Patricia Kopatchinskaja en cellist Sol Gabetta brachten het vrijdag in première.

Van der Aa maakte wereldwijd naam met multimediale opera’s als After Life, Sunken Garden en Blank Out. In ‘akin’ laat hij zijn kabels en jackplugs echter thuis. Geen soundtracks, filmprojecties en andere hightech deze keer, maar ‘gewoon’ een partituur volgens de klassieke regelen der kunst.

Niettemin klonk in de noten onmiskenbaar Van der Aa’s affiniteit met elektronica door. In gelaagde percussiemechaniekjes en metalige strijkersakkoorden die uit een doosje lijken te komen. Eveneens in obsessieve loops en messcherpe montages die het Concertgebouworkest onder leiding van Peter Eötvös feilloos wegzette.

En al is ‘akin’ een zuivere instrumentale compositie, ook klonk er theater. Vanaf de openingsmaten, waar rasperformers Kopatchinskaja en Gabetta hun lijnen langzaam omhoog lieten kronkelen langs een lage harp en sluipende pizzicato-bassen, was duidelijk dat de componist zijn solisten inzet als protagonisten in een muzikale dramaturgie.

Van der Aa’s muzikale universum is er een van spiegelingen en afsplitsingen, waarin instrumenten via slimme uitwisselingen van motieven en gestes uitgroeien tot elkaars alter ego’s. In ‘akin’ (lees: ‘verwant’) hangt Van der Aa dat verdubbelingsproces op aan een dwingende spanningsboog die uitmondt in een verschroeiende strijk-battle op de maat van beukende toms en scherp tikkend slagwerk.

Met fel, geladen spel en een expressieve podiumpresence wisten Gabetta en een blootvoetse Kopatchinskaja het publiek een klein half uur op het puntje van zijn stoel te houden.

Hoogwaardige, vintage Van der Aa, kortom.”
(****)
NRC, Joep Christenhusz, 12 mei 2019

instrumentation

for solo violin, solo cello, and orchestra
2018-2019

Solo Violin
Solo Cello

1 x Flute
1 x Clarinet (in Bb)
1 x Bass clarinet
1 x Bassoon

4 x French Horns
1 x Trumpet (in C)
1 x Tenor trombone
1 x Bass trombone
1 x Tuba

2 x percussion
1 x harp

Strings (10/10/10/8/6)
Double basses should have a low C string, or string extension to low C

details

Duration 25'
First performance 09 May 2019, Royal Concertgebouw Orchestra, cond. Peter Eötvös
Patricia Kopatchinskaya, violin. Sol Gabetta, cello
Commissioned by Royal Concertgebouw Orchestra and Kölner Philharmonie with financial support of Fonds Podiumkunsten and the Ernst von Siemens Musikstiftung
Published by Boosey & Hawkes

performances

Last performance:

  • 10 May 2019
    Royal Concertgebouw Orchestra, cond. Peter Eötvös
    Patricia Kopatchinskaya, violin. Sol Gabetta, cello
    Concertgebouw, Amsterdam, The Netherlands

Upcoming performances:

  • 07 June 2019
    Vancouver Symphony Orchestra
    Otto Tausk, conductor
    Nicholas Wright, violin. Harriet Krijgh, cello
    Orpheum, Vancouver, Canada
  • 08 June 2019
    Vancouver Symphony Orchestra
    Otto Tausk, conductor
    Nicholas Wright, violin. Harriet Krijgh, cello
    Orpheum, Vancouver, Canada
  • 21 March 2020
    NAC Orchestra, cond. Jessica Cottis
    Simone Lamsma, violin. Harriet Krijgh, cello.
    7pm, Southam Hall, Ottowa, Canada